printPDF

Bestrijdingsmiddelen in de bodem

De gehalten aan bestrijdingsmiddelen in de Nederlandse landbouwgrond zijn in veel gevallen lager dan de achtergrondwaarde. Ze overschrijden nergens de interventiewaarden.

Stofnaam1)β-HCHγ-HCHHCBβ-hepta-chloor-epoxide Aldrin2)EndrinDieldrinα-endo-sulfan2)Som DDT
          
Verbodsjaar3)199919991973197819821988198019901973
Achtergrondwaarden4) (μg/kg)238,520,83,580,9300
 
Categorie% waarnemingen boven de achtergrondwaarde in de bodemlaag 0-10 cm
Melkveehouderij-zand 63001001400
Intensieve veehouderij-96801040510
zand         
Bos-strooisel 307003000000
Bos-zand 3000000000
Akkerbouw-zand 1620210007900
Melkveehouderij-veen 670000001
Akkerbouw-zeeklei 0155113304506
Melkveehouderij-0240000001
rivierklei         
Melkveehouderij-zeeklei 08151000800
Groenteteelt 3151038033303
Bollen214657253609300
Diverse landbouw-löss1500000000
Bron: Bronswijk et al. (2003) en De Jong en Van der Hoek (2009).PBL/nov11/0264
1) De stoffen α-HCH, δ-HCH en heptachloor zijn tevens geanalyseerd, maar werden nauwelijks meer aangetroffen.
2) Alleen waarnemingen boven de detectielimiet zijn in de berekening meegenomen. Omdat de achtergrondwaarde vlak boven de detectielimiet ligt, kan het percentage overschrijdingen mogelijk hoger zijn dan aangegeven.
3) Het jaar waarin de stof in Nederland werd verboden.
4) De achtergrondwaarde is afhankelijk van het organische stofgehalte van een bodem. Weergegeven is de achtergrondwaarde voor een standaardbodem (10% organische stof). In het verleden werden streefwaarden (VROM, 2000) gebruikt. Deze zijn in 2008 vervangen door achtergrondwaarden (VROM en VW, 2007).

Ontwikkeling

De gehalten van een aantal inmiddels verboden persistente (langzaam afbreekbare) bestrijdingsmiddelen in de bodem liggen in een deel van Nederland boven de achtergrondwaarde. Dit geldt vooral voor Drins, HCB, β- en γ-HCH en β-hepta-chloor-epoxide.

De hoge gehalten zijn een erfenis uit het verleden toen de betreffende middelen nog gebruikt mochten worden. Hoewel de middelen nu niet meer gebruikt mogen worden zullen de gehalten in de bodem slechts langzaam afnemen omdat ze in de bodem slecht afbreekbaar zijn. Ook is het mogelijk dat een aantal middelen nog steeds via atmosferische depositie wordt aangevoerd, omdat sommige middelen elders in Europa nog wel zijn toegelaten. Opvallend is dat de achtergrondwaarde voor een aantal bestrijdingsmiddelen ook in bossen wordt overschreden.

Beleid

Het beleid is er op gericht om op lange termijn het niveau van de achtergrondwaarde niet te overschrijden. De genoemde persistente, langzaam afbreekbare middelen zijn inmiddels verboden en vervangen door middelen die sneller worden omgezet.

Relevantie

Hoge gehalten aan bestrijdingsmiddelen in de bodem van het landelijk gebied hebben een negatieve invloed op bodemecosystemen. Bestrijdingsmiddelen kunnen ook uitspoelen naar grond- en oppervlaktewater en zodoende de drinkwaterkwaliteit en oppervlaktewaterecosystemen bedreigen.
Persistente bestrijdingsmiddelen zijn stoffen die heel langzaam worden afgebroken in het milieu en vaak nog na decennia worden aangetroffen. Het gaat hier om organische chloorverbindingen zoals bijvoorbeeld drins (aldrin, dieldrin, endrin) en DDT.

Methodiek

De gegevens zijn verzameld in het Landelijk Meetnet Bodemkwaliteit in de periode 1993-1997 en voor het lössgebied in het jaar 2003. De gehalten veranderen slechts langzaam zodat het gepresenteerde beeld nog actueel is.
  •  
Referenties en relevante info

Referenties

Relevante informatie

Technische toelichting

Naam van het gegeven

Bestrijdingsmiddelen in de bodem

Omschrijving

Percentage waarnemingen boven de achtergrondwaarde per grondgebruik/grondsoort categorie

Verantwoordelijk instituut

RIVM

Berekeningswijze

De gegevens zijn afkomstig uit de eerste meetronde van het Landelijk Meetnet Bodemkwaliteit (1993-1997) en voor het lössgebied uit de tweede meetronde (1999-2003). De gehalten aan bestrijdingsmiddelen veranderen slechts langzaam zodat het gepresenteerde beeld nog actueel is.

Basistabel

Landelijk Meetnet Bodemkwaliteit (LMB)

Geografisch verdeling

Landbouwgrond in geheel Nederland, aangevuld met boslocaties

Andere variabelen

Naast de bodemlaag 0-10 cm ook analyses van bodemlaag 30-50 cm

Verschijningsfrequentie

Alleen oneven meetrondes van LMB, dus 1x per 12 jaar

Achtergrondliteratuur

http:/www.rivm.nl/milieuportaal/meetnetten/bodemkwaliteit

Opmerking

Streefwaarden zijn in 2008 vervangen door achtergrondwaarden

Betrouwbaarheidscodering

B, betreft metingen

Referentie van deze webpagina: CBS, PBL, Wageningen UR (2011). Bestrijdingsmiddelen in de bodem (indicator 0264, versie 04, 18 november 2011). www.compendiumvoordeleefomgeving.nl. CBS, Den Haag; Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag/Bilthoven en Wageningen UR, Wageningen.