Aantalsontwikkeling van vleermuizen 1986-2009
Lange tijd zijn vleermuizen in aantal achteruitgegaan, maar na 1986 neemt een aantal soorten weer toe.
Ontwikkeling tot 1986
Halverwege de vorige eeuw zijn in Nederland veel vleermuizen achteruitgegaan en enkele soorten zijn zelfs verdwenen uit Nederland. Oorzaken zijn onder meer de verstoring van overwinteringsplaatsen, het gebruik van bestrijdingsmiddelen in de landbouw en houtverduurzamingsmiddelen op kerkzolders. Ook de vermindering van het aantal houtwallen en andere veranderingen in het agrarische landschap worden vaak als oorzaken genoemd van de achteruitgang.Ontwikkeling na 1986
Alle soorten vleermuizen zijn sinds 1988 opgenomen in een soortbeschermingsplan. Er zijn diverse maatregelen genomen om vleermuizen te beschermen, waaronder het opknappen en beschermen van winterverblijven. Schadelijke houtverduurzamingsmiddelen zijn tegenwoordig verboden. De achteruitgang van de meeste vleermuizen lijkt inmiddels tot staan gebracht, al zijn niet alle aanbevelingen uit het soortbeschermingsplan uitgevoerd (Hollander, 1998), De gemiddelde index gaat vooruit en ook alle onderzochte afzonderlijke soorten gaan vooruit.Rode lijst
Van de zeven soorten die hier genoemd zijn, staan alleen ingekorven vleermuis en vale vleermuis op de Rode Lijst van zoogdieren.Referenties
- Daemen, B.A.P.J., W.J.R. de Wijs, A. Kaper, M.M. Straver en A.J. van Strien (1998). Resultaten van vleermuistellingen in overwinteringsverblijven in de periode, 1986-1997. Kwartaalbericht Milieustatistieken, 98 (3): 39-45.
- Hollander, H. (1998). Evaluatie Nota Vleermuisbescherming 1988. VZZ, Utrecht.
- Limpens, H., K. Mostert en W. Bongers (1997). Atlas van de Nederlandse vleermuizen. KNNV uitgeverij. Utrecht.
- LNV (1988). Vleermuisbescherming, verleden, heden en toekomst. Directie Natuur, Milieu en Faunabeheer. Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij. Den Haag.
- Soldaat, L., H. Visser, M. van Roomen en A. van Strien (2007) Smooting and trend detection in waterbird monitoring data using structural time-series analysis and the Kalman filter. Journal of Ornithology. Volume 148, supplement 2: 351-357. DOI.10.1007/s10336-007-0176-7.
- Verboom, B. (2006). Winterverblijven voor vleermuizen in Limburg. VZZ rapport 2006.033. Zoogdiervereniging VZZ, Arnhem.
- Zoogdiervereniging VZZ (2007) Basisrapport voor de Rode Lijst Zoogdieren volgens Nederlandse en IUCN-criteria. VZZ rapport 2006.027. Zoogdiervereniging VZZ, Arnhem.
Relevante informatie
Naam van het gegeven
Vleermuizen in overwinteringplaatsen
Omschrijving
Ontwikkeling van populaties van vleermuizen in overwinteringplaatsen
Verantwoordelijk instituut
Centraal Bureau voor de Statistiek
Berekeningswijze
De Soortgroep Trend Index (STI) betreft de gemiddelde index (waarde 2000 = 100) van zeven soorten vleermuizen: baardvleermuis samen met Brandt's vleermuis (deze twee soorten zijn in de praktijk niet uit elkaar te houden), franjestaart, grootoorvleermuis, ingekorven vleermuis, meervleermuis, vale vleermuis en watervleermuis. Doelsoorten zijn franjestaart, baardvleermuis, meervleermuis en grootoorvleermuis. De cijfers zijn gebaseerd op tellingen in kelders, groeven, forten en bunkers (Netwerk Ecologische Monitoring). De soorten die overwinteren in spouwmuren en boomholten worden niet gemonitord en zijn daarom niet beschouwd.
Basistabel
De index van de betrokken soorten met hun trend staan onder het tabblad afzonderlijke soorten in Download figuurdata.
Geografisch verdeling
Nederland
Verschijningsfrequentie
jaarlijks
Achtergrondliteratuur
Daemen, B.A.P.J., W.J.R. de Wijs, A. Kaper, M.M. Straver en A.J. van Strien (1998). Resultaten van vleermuistellingen in overwinteringverblijven in de periode, 1986-1997. Kwartaalbericht Milieustatistieken, 98 (3): 39-45.
Opmerking
De Rode lijst van zoogdieren is gebaseerd op soorten die zich in Nederland voortplanten. De populatie-ontwikkelingen in deze indicator zijn gebaseerd op het aantal overwinterende dieren. De Vale vleermuis staat bijvoorbeeld als Verdwenen uit Nederland op de Rode lijst, maar heeft indeze indicator een matig toenemende trend als overwinteraar.
Betrouwbaarheidscodering
B. Schatting gebaseerd op een groot aantal (zeer accurate) metingen, waarbij representativiteit van de gegevens vrijwel volledig is.Versies van deze indicator
- Aantalsontwikkeling van vleermuizen 1986-2009 (actuele versie, 23 mrt 2010)
- Aantalsontwikkeling van vleermuizen 1986-2008 (v08, 4 feb 2009)
- Vleermuizen in overwinteringplaatsen (v07, 22 apr 2008)
- Vleermuizen in overwinteringsplaatsen (v06, 31 aug 2007)
- Vleermuizen in overwinteringsplaatsen (v05, 18 mei 2006)
- Vleermuizen in overwinteringsplaatsen (v04, 12 jul 2004)
- Vleermuizen in overwinteringsplaatsen (v03, 29 sep 2003)
- Vleermuizen in overwinteringsplaatsen (v02, 12 okt 2002)
Deze pagina is voor het laatst gewijzigd op 23 maart 2010 (versie 09)
Dossier natuurgraadmeters
- Natuurwaarde landelijk
- Ontwikkeling biodiversiteit (MSA)
- Ontwikkeling kwaliteit natuur heide bos moeras
- Natuurkwaliteit per provincie
- Ontwikkeling diersoorten
- Ecologische kwaliteit waterlichamen
- Natuurkwaliteit macrofauna
- Voorkomen van doelsoorten macrofauna
- Aantalsontwikkeling van zoogdieren
- Aantalsontwikkeling van vleermuizen
- Aantalsontwikkeling van broedvogels
- Aantalsontwikkeling van overwinterende watervogels
- Aantalsontwikkeling van wintervogels
- Aantalsontwikkeling van dagvlinders
- Aantalsontwikkeling van reptielen
- Aantalsontwikkeling van amfibieën
- Aantalsontwikkeling van libellen
- Aantalsontwikkeling van bospaddestoelen
Terug naar onderwerp Biodiversiteit

