Plantenexoten in steden
In de steden hebben zich plantensoorten gevestigd die oorspronkelijk niet in Nederland voorkwamen, waaronder straatliefdegras en kransmuur. Het stenige milieu vormt voor deze soorten een geschikte groeiplaats.
Ontwikkeling straatliefdegras
Een nieuwkomer in steden is het straatliefdegras, een laagblijvend gras dat tussen de straatstenen groeit. Aanvankelijk was de soort alleen uit Rotterdam bekend; sinds 1972 ook uit andere plaatsen in Zuid-Holland. Daarna heeft de soort zich in Nederland sterk uitgebreid. Inmiddels groeit de soort in de meeste steden van enige omvang. Straatliefdegras komt oorspronkelijk uit Oost-Afrika. De soort groeit bijna uitsluitend in stedelijk gebied, maar vindt ook langs spoorwegen en wegen in toenemende mate geschikte groeiplaatsen.Ontwikkeling kransmuur
Van veel recentere datum is de vondst van kransmuur. Deze soort is begin jaren negentig voor het eerst gevonden tussen straatstenen in het centrum van Dordrecht. De soort heeft zich vervolgens sterk uitgebreid in Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Leiden. De verwachting is dat deze soort ook in andere steden en plaatsen zal verschijnen. Kransmuur komt uit het mediterrane gebied en heeft een voorkeur voor warme, stenige plaatsen.Referenties
- Rossenaar, A.J.G.A. (2002). De recente populatieontwikkeling van enkele planten in het rivierengebied en het stedelijk gebied. Rapport 2002.30. Stichting FLORON. Leiden
- Weeda, E.J. (1980). Straatliefdegras (Eragrostis pilosa). In: Mennema, J., A.J. Quené-Boterenbrood en C.L. Plate (red.). Atlas van de Nederlandse Flora. Deel1: Uitgestorven en zeer zeldzame planten. Kosmos. Amsterdam.
Relevante informatie
Naam van het gegeven
Plantenexoten in steden
Omschrijving
Ontwikkeling van twee ingeburgerde plantensoorten, kenmerkend voor de stad
Verantwoordelijk instituut
Centraal Bureau voor de Statistiek
Berekeningswijze
De gegevens komen uit de landelijke floradatabank (Florbase) van FLORON. De grafiek van straatliefdegras betreft meldingen van de soort in de goed onderzochte kilometerhokken per periode (hokken waarin ten minste 100 verschillende soorten zijn gemeld). De grafiek van kransmuur betreft alle hokken per periode (niet alleen de goed onderzochte hokken), omdat van deze soort nog maar weinig meldingen voorhanden zijn.
Basistabel
zie berekeningswijze
Geografisch verdeling
Nederland
Andere variabelen
geen
Verschijningsfrequentie
onregelmatig
Achtergrondliteratuur
Rossenaar, A.J.G.A. (2002). De recente populatieontwikkeling van enkele planten in het rivierengebied en het stedelijk gebied. Rapport 2002.30. Stichting FLORON. Leiden
Opmerking
geen
Betrouwbaarheidscodering
Schatting, gebaseerd op een aantal metingen, expert judgement, een aantal relevante feiten of gepubliceerde bronnen terzake.Versies van deze indicator
Deze pagina is voor het laatst gewijzigd op 4 juni 2008 (versie 03)
Dossier exoten
- Aantallen planten- en diersoorten
- Exoten in de Nederlandse fauna
- Muskusrat
- Rivierkreeft
- Exoten in zoutwater
- Exoten in de delta
- Amerikaanse zwaardschede
- Kleine heremietkreeft en druipzakpijp en klimaatverandering
- Platte en Japanse oester in de Zeeuwse delta
- Wespenspin en klimaatverandering
- Eikenprocessierups
- Exoten in de Nederlandse flora
- Exotische bomen en struiken in het bos
- Plantenexoten in de steden
- Exoten in zoetwater: vissen
- Exoten in zoet water: waterplanten
- Exoten in zoetwater:macrofauna
- Grote waternavel
Terug naar onderwerp Biodiversiteit

