print

Kuifeend en mosselen in het Markermeer

Het Markermeer is van internationaal belang voor kuifeenden. Het aantal overwinterende vogels neemt de laatste tijd echter sterk af door achteruitgang van hun belangrijkste voedselbron, de driehoeksmossel.

Kuifeend in Markermeer

Ontwikkeling kuifeend

In de winters van de jaren tachtig overwinterde ongeveer 6-10% van de Europese populatie kuifeenden in het Markermeer. Sinds 1990 is het gemiddelde aantal overwinterende vogels echter geleidelijk gehalveerd (zie linker grafiek). De oorzaak hiervan is de afname van de driehoeksmossel, waarvan de kuifeenden in de winterperiode in het Markermeer vrijwel geheel afhankelijk zijn. De gemiddelde biomassa van de mosselen bedroeg in 2000 nog 47% van de biomassa in 1993.

Driehoeksmosselen en helderheid

De driehoeksmossel is een zogenaamde filterfeeder, die zich voedt met fytoplankton. Een doorsnee mossel filtert daarvoor ongeveer een liter water per dag. Driehoeksmosselen kunnen het water helder maken, mits de mosseldichtheid groot genoeg is. Sinds 1990 is het doorzicht (een maat voor de helderheid van het water) van het Markermeer afgenomen (zie rechter grafiek). Dat komt mede door de afname van de driehoeksmosselen. Waarschijnlijk nemen de mosselen af doordat het slibgehalte van de bodem is toegenomen, waardoor de dieren zich niet goed meer aan de bodem kunnen hechten.
  •  
Referenties en relevante info

Referenties

  • Brongers I. (2001). Inventarisatie Driehoeksmosselen Markermeer 2000. RDIJ rapport 2001-4. Lelystad.
  • Eerden, M.R. van (1997). Patchwork: patch use, habitat exploitation and carrying capacity for water birds in Dutch freshwater wetlands. Proefschrift RDIJ. Lelystad.
  • Ibelings, B. en R. Noordhuis (2000). Plankton. In: R. Noordhuis, Biologische monitoring zoete rijkswateren: Watersysteemrapportage IJsselmeer en Markermeer, pp.23-35. RIZA rapport 2000.050. Lelystad.
  • Visser, H. (2004). Estimation and detection of flexible trends. Atm. Environment 38, 4135-4145.
  • Visser, H. (2005). The significance of climate change in the Netherlands. RIVM rapport 550002007/2005.
Technische toelichting

Naam van het gegeven

Kuifeend en mosselen in het Markermeer

Omschrijving

Populatieontwikkeling kuifeend en verloop doorzicht in het Markermeer

Verantwoordelijk instituut

Centraal Bureau voor de Statistiek

Berekeningswijze

Kuifeenden in het IJsselmeergebied worden maandelijks geteld door het RIZA vanuit een vliegtuig. Weergegeven zijn de gemiddelde aantallen van oktober t/m april. Het doorzicht is een gemiddelde waarde die in de zomer bepaald is met een zogenaamde secchi-schijf. Een doorzicht van 30 cm betekent dat het verschil tussen de witte en zwarte helft van de schijf of tussen de witte schijf en de gaten (afhankelijk van het type secchi-schijf) op een diepte van 30 cm niet meer te zien is. Doorzicht in niet lineair verbonden met andere kwaliteitsparameters zoals lichtuitdoving of zwevend stof gehalte, De stippen in beide figuren zijn de meetwaarden. De stippen in beide figuren zijn de meetwaarden. Door deze meetwaarden is met behulp van het programma TrendSpotter (Visser 2004) een flexibele trend berekend (de doorgetrokken lijn). Het gekleurde vlak geeft het 95% betrouwbaarheidsinterval van de trendlijn aan.

Geografisch verdeling

Markermeer

Verschijningsfrequentie

onregelmatig

Achtergrondliteratuur

Ibelings, B. en R. Noordhuis (2000). Plankton. In: R. Noordhuis, Biologische monitoring zoete rijkswateren: Watersysteemrapportage IJsselmeer en Markermeer, pp.23-35. RIZA rapport 2000.050. Lelystad.

Betrouwbaarheidscodering

Schatting, gebaseerd op een aantal metingen, expert judgement, een aantal relevante feiten of gepubliceerde bronnen terzake.

Deze pagina is voor het laatst gewijzigd op 11 september 2008 (versie 03)